RHD-2 virus bij konijnen

Ook in 2019 zijn er helaas al weer diverse meldingen uit het hele land van acute sterfte onder konijnen ten gevolge van uitbraken van het RHD2-virus: een variant van Rabbit Hemorrhagic Disease ( ook wel Viral Hemorrhagic Disease VHD genoemd) die sinds 2015 in Nederland voorkomt en zich al in 2016 geografisch over het hele land verspreid had.

Exacte gegevens over aantallen slachtoffers van VHD zijn niet te geven, onder andere omdat er geen centrale registratie is van sterfte onder tamme en wilde konijnen én omdat overleden konijnen niet altijd worden onderzocht. Bovendien zullen veel dode wilde konijnen niet worden opgemerkt doordat konijnen in het wild deels ondergronds leven en daar dus ook kunnen sterven.

Symptomen

Een met RHD1 (klassieke vorm) geïnfecteerd konijn zal veelal binnen 24-48 uur sterven. Bij RHD2 bedraagt deze termijn gemiddeld 3-5 dagen. In beide gevallen kunnen benauwdheid, koorts (> 40 °C), bloedingen of neurologische verschijnselen (trillen) gezien worden voorafgaand aan de sterfte. Vaak echter sterft het konijn zonder voorafgaande verschijnselen. Daarnaast kan bij RHD2 een meer chronisch ziektebeeld gezien worden waarbij het konijn gedurende langere periode algemeen ziek kan zijn.

In tegenstelling tot RHD1, waar het sterftepercentage vaak meer dan 80% bedraagt, ligt het sterftecijfer bij RHD2 vaak lager (5-70%). In geval van RHD2 kan daarnaast bij konijnen die de acute fase overleven een meer chronisch ziektebeeld gezien worden met als belangrijkste verschijnselen gewichtsverlies, sloomheid en geelzucht.

Behandeling en vaccinatie

Er geen behandeling voor konijnen die ziek zijn als gevolg van een infectie met het RHD-virus. Preventief is wel vaccinatie mogelijk, dit kan jaarlijks samen met de ‘klassieke’ myxomatose/RHD1- vaccinatie.

LET OP: ook gezonde konijnen kunnen het virus bij zich dragen en uitscheiden, en op die manier een besmetting vormen voor andere konijnen. Het samenbrengen van onbeschermde konijnen (bijvoorbeeld voor zogenaamde ‘entspreekuren’) wordt daarom afgeraden (en dat doen wij dus ook niet).

Preventieve maatregelen

RHD verspreidt zich door direct contact en ook indirect via urine, faeces, water, voedsel, kleding, handen en hokken. Stekende insecten kunnen ook een rol spelen in de verspreiding. Vaccinatie is uiteraard de beste manier om problemen door RHD2 te voorkomen. Om besmetting te voorkomen is het advies om geen (vers) gras of groente van buiten (moestuin) aan het konijn te voeren. Ook dient voorzichtig omgegaan te worden met voeren van hooi of kuil waar mogelijk wilde konijnen mee in aanraking zijn gekomen. Na het lopen over besmette konijnenveldjes (besmet met urine van wilde konijnen) kan de infectie met het schoeisel worden overgebracht. Houd hier rekening mee.

Wanneer een konijnenbestand getroffen wordt door acute sterfte kan een noodvaccinatie (tegen RHD1 en RHD2) overwogen worden. Het is aangetoond dat zeven dagen na de vaccinatie de dieren afweer tegen het RHD-virus hebben ontwikkeld zodat hiermee de schade mogelijk kan worden beperkt. Omdat de RHD2-vaccins geïnactiveerde vaccins zijn, is er in ieder geval geen kans op spreiding van het virus als gevolg van de vaccinatie.