Mag ik een zalfje ?

De gezondheidszorg voor gezelschapsdieren heeft zich de afgelopen jaren enorm ontwikkeld, en wordt tegenwoordig voornamelijk aangeboden door dierenartsen die alléén gezelschapsdieren behandelen. Net als in de humane gezondheidszorg zijn er daarnaast ook nog (dierenarts)-specialisten die alléén op doorverwijzing speciale onderzoeken of behandelingen bieden.

De levering van (dier)geneesmiddelen gaat in Nederland echter niet – zoals bij mensen – via een apotheek maar via de dierenkliniek zelf. De overheid heeft daarbij een duidelijk wettelijk kader vastgesteld om te zorgen dat de verstrekking van diergeneesmiddelen zorgvuldig verloopt. Daarbij gaat het erom dat er ‘garanties worden geschapen, dat diergeneesmiddelen op zorgvuldige wijze worden toegepast bij dieren en dat in geen geval onnodig diergeneesmiddelen worden voorgeschreven’. Dit alles ook om schade aan de gezondheid van mens en dier, en schade aan het milieu te voorkómen.

In de zogenaamde ‘Kanalisatieregeling’ worden de beschikbare medicijnen voor gezelschapsdieren in 3 groepen opgedeeld :
1. ‘VRIJ’ verkrijgbare middelen (bv ontwormings- en vlooien/tekenmiddelen voor zover deze al langer bestaan, dus niet de recent geintroduceerde middelen zoals tabletten tegen teken)
2. ‘UDA’ middelen (bv antibiotica : hierbij geldt er een zorgplicht voor de dierenarts : deze middelen mogen alleen door een dierenarts aan de eigenaar worden meegegeven na onderzoek van een dier, waarbij een diagnose is gesteld, een behandelplan is gemaakt en de werking van de ingestelde therapie wordt geëvalueerd )
3. ‘UDD’ middelen (bv vaccins : deze mogen alléén door een dierenarts worden toegediend en dus nooit aan een eigenaar worden meegegeven)

De dierenarts die een diergeneesmiddel voorschrijft mag dit ook meteen leveren aan de eigenaar; op de patiëntkaart van het betreffende dier wordt dan wel een recept gemaakt, maar de extra tussenstap van een apotheek is zodoende niet nodig, wat voor een diereigenaar handig en kostenbesparend is. Een zorgvuldige voorschrijving en aflevering van diergeneesmiddelen is hiermee toch geborgd.

Soms vraagt een eigenaar aan de balie om een diergeneesmiddel voor een dier dat wij niet onderzocht hebben: na lezing van het bovenstaande zal het u duidelijk zijn dat dit niet zomaar kan of mag : er is in elk geval een onderzoek van uw dier voor nodig, of een patientkaart van een dierenarts die uw dier eerder heeft onderzocht (deze kan ook per mail of fax aan ons worden toegezonden). Geld willen uitsparen van een goed onderzoek van uw dier kan ernstige gevolgen hebben: na de vraag ‘mag ik van u een zalfje voor het oog van mijn hond’ kost het helaas soms veel moeite om een eigenaar te overtuigen dat dit echt nodig is; echter al diverse keren hebben we bij het hierna toch verrichte onderzoek een grasaar onder het ooglid aangetroffen : het zomaar meegeven van een zalfje had dan geleid tot het verlies van de oogbol !